23-03-05

Brief

Geachte,
 
graag had ik het met u gehad over een kwestie die reeds jaren een doorn in mijn oog is. Deze kwestie, noem het een voortdurende situatie, betreft bepaalde sociale gedragsafwijkingen die u steeds opnieuw op mij losgelaten hebt. Of u de bui al voelt hangen is me een raadsel, maar de kans is zeker niet onbestaande dat u reeds nu al weet waarover deze uiteenzetting zal gaan.
Om volledige klaarheid te verschaffen zal ik een vaste structuur hanteren in mijn nu volgende geschrift. Ik zal beginnen met de feiten op te sommen, waarna ik zal overgaan tot de vragen aan u gericht. Hierna zal ik nog een besluit formuleren en daarna mag u wat mij betreft met deze brief doen wat u het meeste belieft. Maar laat ik aanvangen...
Feit 1: in de jaren dat u mij gekend heeft, heeft u steeds uw ongenoegen over allerlei verwaarloosbare zaken die mij betroffen op mij uitgewerkt. Ik spreek hier over scheldpartijen, constante vernederingen, onderdrukking, ... als u wil kan ik mijn lijstje nog verder aanvullen, maar voorlopig ga ik het hierbij laten.
Feit 2: Ondanks het feit dat ik steeds in alles wat ik deed meer dan matig presteerde en in vele dingen die me nauw aan het hart lagen uitblonk heeft u me nooit ook maar een enkel woord van respect of genegenheid gegeven. Zelfs niet wanneer het ging over iets dat u zelf nauw aan het hart lag, zoals muziek. Nu, het geval muziek is misschien ergens nog wel begrijpelijk gezien de constante jaloezie die u in uw hart koesterde ten opzichte van iedereen die ook maar iets beter kon dan uzelf.
Feit 3: Dit is eigenlijk het meest bezwarende feit, aangezien voor de andere via omwegen nog ergens een verklaring kan gezocht worden. Hiervoor echter niet. U kan namelijk niet ontkennen dat hetgeen nu volgt de waarheid is, aangezien we beiden aanwezig waren op de plaats en tijd van het gebeurde. U heeft namelijk een ongeprovoceerde aanval op mijn leven gedaan door me op een stormachtige vrijdagnacht in 1999 naar de keel te vliegen. Ware het niet voor uw toenmalige echtgenote zou ik nu niet in staat geweest zijn deze (ietwat late) brief te verzenden.
Om over te gaan naar de vragen zou ik willen beginnen met deze: Had/hebt u schrik van me of ziet u me als een mogelijke bedreiging? Ik kan begrijpen dat u in kon zien dat ik in bepaalde dingen uw meerdere was, joeg dit u angst aan? Ten tweede zou ik willen weten of u me bewust vernederde en kleineerde, als een manier om uw eigen persoon groter te doen lijken? Of was het allemaal een groot toneel om iemand te hebben die onder de duim kon gehouden worden? Als laatste zou ik willen weten of u op die stormachtige vrijdagnacht besefte wat u deed toen u me daar naar de keel vloog? Besefte u de gevolgen die deze daad ging hebben, deed u het in een laatste krachtopwelling om mij uit uw leven te verwijderen, of was u zich niet bewust van de feiten die u daar pleegde?
Om te besluiten zou ik u graag nog willen zeggen dat ik geen antwoord op deze brief verwacht. Ik zou zelf zeer verrast zijn indien ik ooit nog iets van u hoor. En als ik u nog een muziektip aan de hand mag doen die u misschien in staat stelt me te begrijpen, probeer dan "The Human Equation, Day 6: Childhood" van Ayreon eens.
Het spijt me dat ik niet kan afsluiten met hoogachtend, maar het zou me teveel pijn en moeite kosten.
Een groet,

20:25 Gepost door Isaiah | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.